
Wanneer de service klaar is voor gebruik, is het wel het laatste wat je nodig hebt dat er een opslagruimte is die de hitte niet kan vasthouden. Als het eten niet warm genoeg blijft, loop je het risico dat er ziektekiemen ontstaan. Als het juist te heet wordt, drogen alle producten uit – pizza’s, bakproducten, gegrilde producten – en verspil je geld aan al die overgemaakte gerechten. Een infraroodlamp in een restaurantoven geeft je meer controle over de temperatuur, zodat je het eten veilig kunt houden zonder dat de textuur van het eten wordt beschadigd.
Wat technisch gezien belangrijk is: We kiezen voor korte-golf infraroodkwartslampen, omdat ze snel op temperatuur komen en direct reageren wanneer de thermostaat dit vereist. De meeste apparaten werken op 240V, verbruiken 2000–3000W en zorgen voor een gefocuste hitte die alleen de bovenkant van de pannen en het oppervlak van het eten verwarmt, zonder dat de hoofdkamer van de oven overbelast wordt. De lamp zit in een beschermd, hittebestendig keramisch behuizing, met een kabel die voldoet aan de UL-normen en een standaardstekker. Hierdoor kan de lamp worden gebruikt in de meeste ovens, zonder dat er nieuwe bedrading nodig is. Het opwarmen duurt vaak minder dan 15 seconden, zodat de gewenste temperatuur snel wordt bereikt nadat de deur wordt geopend en gesloten.
Waarom dit goed werkt in echte keukens: Verschillende menu’s vereisen verschillende manieren van opslaan van het eten. Bij pizza’s zorgt de lamp ervoor dat de bovenkant van de pizza en het kaasoppervlak op een veilige temperatuur blijven, terwijl de oven voldoende warm blijft om de knapperigheid van de pizza te behouden. Bakproducten blijven vochtig, omdat de infraroodstralen alleen het oppervlak verwarmen. Bij gegrilde producten zorgt de lamp voor een constante temperatuur, zodat de sappen op hun plek blijven en er minder fouten optreden bij het controleren van de temperatuur. Het resultaat is minder problemen en minder producten die in de prullenbak belanden.
De installatie is eenvoudig, maar er moet voldoende ruimte zijn tussen de lamp en de wanden van de oven, zodat er geen hete plekken ontstaan en de componenten niet te vroeg verbranden. In zeer droge omgevingen moet de lamp schoon en droog worden gehouden – vocht en stof kunnen schadelijk zijn voor de kwartslaag. Als je oven een lage plafondhoogte heeft of weinig ruimte biedt, moet je alles twee keer controleren. Het gaat om gefocuste hitte, dus gebruik ook temperatuurmeters en een duidelijke procedure voor het controleren van de temperatuur. Op deze manier kun je consistente resultaten behalen, shift na shift.