
In een galerie gaat het niet alleen om comfortabelheid wat betreft de temperatuur. Het gaat ook om het behoud van de kunstwerken. Wanneer de lucht koud wordt, is het geen koude bezoekers die een probleem vormen, maar eerder de langzame, stilzittende schade die wordt toegebracht aan doeken, pigmenten en hout. Traditionele verwarmingssystemen veroorzaken stofwolken, veranderen de luchtvochtigheid en brengen hitte over op de oppervlakken. Infraroodverwarmers werken anders: ze verwarmen mensen en objecten rechtstreeks, zodat de lucht stil blijft en de kunstwerken onaangetast blijven.
Wat technisch gezien belangrijk is Infraroodverwarmers leveren stralingswarmte op via een geconcentreerd element – meestal een kwartsbuis of een koolstofvezelfilament – dat zich bevindt in een beschermend behuizing die kan worden gemonteerd op een muur of plafond. De warmte wordt overgedragen als elektromagnetische energie, net zoals zonlicht. Hierdoor heeft de warmte geen lucht nodig om zich te verspreiden. In de praktijk betekent dit dat huid en objecten de warmte snel opnemen, zonder dat er stofwolken ontstaan. Veel modellen werken op standaard elektriciteitsnetten, hebben een instelbaar vermogen en beschikken over een thermostaat, zodat de temperatuur constant blijft, in plaats van heen en weer te schieten tussen te warm en te koud. Voor galerieën en overdekte gangen is het belangrijk dat het apparaat beschermd is tegen vocht en stof. Ook moet het apparaat stevig gemonteerd zijn, zodat het veilig blijft voor bezoekers.
Waarom het geschikt is voor deze ruimtes Galerieën en musea hebben warmte nodig die precies op de juiste plek terechtkomt. Infraroodverwarming richt zich op de gebieden waar mensen staan, zitten of de kunstwerken bekijken. Hierdoor worden er geen convectiestromingen gecreëerd die delicate materialen kunnen beschadigen. Omdat de warmte rechtstreeks wordt overgedragen, kan er een stabiel microklimaat rondom de kunstwerken worden gecreëerd, zonder dat de hele ruimte oververhit raakt. Het voordeel is dat er minder energie nodig is, omdat er geen lege lucht wordt verwarmd. Bezoekers voelen dit meteen: een zachte, gelijkmatige warmte die hen uitnodigt om langer te kijken en in een rustige omgeving te vertoeven.
De praktische details Stralingswarmte werkt het beste wanneer er geen obstakels zijn tussen de verwarmingsbron en de te verwarmen oppervlakken. Zorg ervoor dat er geen balken, planken of borden in de weg staan, en richt de verwarmingsbron op de zit- en kijkplekken, in plaats van rechtstreeks op één specifiek kunstwerk. Omdat stralingswarmte oppervlakken verwarmt, moet het apparaat beschikken over een beschermende rand en moeten er regels worden nageleefd om onbedoeld contact te voorkomen. Als je het apparaat aansluit op het bestaande elektriciteitsnetwerk, moet je controleren of de capaciteit van het netwerk en het type kabels voldoende zijn voor het vermogen van de verwarmingsbron. Dit zorgt ervoor dat het systeem dag in, dag uit betrouwbaar en veilig blijft functioneren.